Alpinisme
>
Artikels 
Expeditie Peru 2009 - Deel 1

Expeditie Peru 2009 - Deel 1

Van de Ishinca naar de Alpamayo

23 december 2009, 

Nadat we vorige zomer op de Khan Tengri (7010m) in 'expeditiestijl' de top bereikt hadden dachten we dit jaar aan iets anders.
"Mischien moeten we maar iets lagere bergen proberen deze keer, maar veel technischer", klonk het enkele maanden voor ons vertrek, "en deze keer in alpine-stijl". Uit onze directe omgeving kwamen uiterst positieve berichten over Peru en zijn witte bergen, de "Cordillera Blanca". Met Koen en An vertrokken we op 30 Juni richting Zuid-Amerika, Hans ging ons later op de trip vervoegen. Dit is het verslag:

Vorige week dinsdag kwamen we 's avonds aan in Lima, waar An ons al breedlachs opwachtte. Zij was al enkele uren eerder aangekomen. Een korte nacht in Lima en we waren al weer verder aan het reizen richting Huaraz, het Chamonix van Peru. Hier vonden we al snel een ideaal onderkomen, El Tambo. Een echte hippielodge en een ideale rustplaats in een toch nogal hectische stad. Een dag later dachten we richting laguna Churup, een meertje op 4600m te trekken, kwestie van het acclimatiesatieproces te bespoedigen. Om een of andere onbekende reden wou An toch veel liever naar een ander meertje met de meer exotische naam "Laguna 69″. 's Anderendaags hadden we alles wat we nodig hadden verzameld en was het tijd om de bergen in te trekken. Uruz bleek een makkelijk acclimatisatietopje te zijn, dus via een minibusje en een taxi geraakte we op de plaats waar de trek naar het basiskamp begon. 2 van onze zware rugzakken vonden al snel de weg naar de rug van een ezeltje, de 3de besloten we om budgetaire redenen om de beurt te dragen.

Halfgaar kwamen we enkele uren later aan in een prachtig basiskamp. Beekje naast de tent, vlakke ondergrond en enkele boulders in de directe omgeving.
We hadden ook direct zicht op Urus, wat helaas een tegenvaller bleek te zijn, tenzij je fan bent van 1000 hoogtemeters morenetrappelen en 500hm sneeuwwandelen. Wij niet echt, dus Ishinca, net iets verder in de vallei, bleek voor iedereen een goed alternatief. Enkele uren later begonnen we midden in de nacht naar boven te trappelen. Een onduidelijke topobeschrijving zorgde ervoor dat we een uurtje verloren door een paadje op de morene te zoeken. Toen het pas om 6u licht werd zagen we het paadje blinken aan de andere kant van de vallei. Iets later stonden we toch aan de sneeuwgrens op 5000m.
Koen voelde zich al een tijdje minder omdat hij zich onbewust aan het vergiftigen was met door (teveel) Micropur gezuiverd beekwater. Helaas had het zwembadwater een nefaste invloed op zijn maag. Ik kreeg het dan wat hoger ook knap lastig. Te weinig eten en hoogteziekte veranderde me dan ook al snel in iets dat om de 10 passen even moest uitrusten. Wie daarentegen wel fit en monter naar boven trippelde bleek An te zijn. 3 maand geleden nog een nieuw stuk kruisband gekregen na een skiongeluk, niet echt kunnen trainen en nu zonder noemenswaardige problemen vlot naar de top...

"Hoe slagen we er in onze knieen te sparen en toch niet te veel geld uit te geven?" was de hoofdvraag voor ons Alpamayo avontuur begon. De tocht naar basiskamp is al een expeditie op zich en dat zit je nog maar op 4400m. Gelukkig leerden we nog enkele klimmers kennen in onze hostel met dezelfde plannen. Zo konden we enkele burros (ezeltjes) en een arriero (drijver) delen met een grappige Schot, een rasta Duitser en een reizende Engelsman. Het traject van 24 km en 1300hm was al een mooie intro op wat nog komen ging. Na een nachtje in basiskamp zeulden we zelf onze weerom overdreven zware rugzakken over de morene richting een kamp net onder de gletsjer. Gelukkig won Koen de race tegen de Schot en zo hadden we met voorsprong de horizontalere plaats om ons tentje neer te plaatsen.

Na morenecamp komt colkamp op 5500m. Om hier te geraken ploeterde we ons een weg over de gletsjer om naar het einde nog tweemaal een stuk van zo een 100tal meter 70graden ijs voorgeschoteld te krijgen. Dit gecombineerd met 15kg op de rug en nog niet helemaal geacclimatiseerd te zijn bleek een stevig pikkertje.

Aangekomen in colcamp bleek onze Mountcoach-efficientie inzake het snel opzetten van een kamp weer indruk te maken. Voor de 10e keer deze trip moesten we uitleggen waar MC voor stond, of zou het toch iets met onze uniforme pullekes te maken hebben? In ieder geval leek Alpamayo er goed bij te liggen, wat niet van de naburige top Quitaraju te zeggen was. De directe lijn op de westwand was ook een doel, maar de overvloedige sneeuwval van de voorbije dagen had ervoor gezorgd dat op de hele berg geen stuk te bespeuren was dat niet door een lawine was verwoest. De ochtend nadien trokken we rond 2u vol goede moed ten aanval. Helaas waren we nog geen half uur ver toen de wolken, de wind, sneeuw en mijn hoogteziekte nog maar eens kwamen opzetten. Na een kwartiertje analyseren besloten we toch maar terug te keren. Het voelde als een falen, maar aan de andere kant wisten we dat we dat we nog meer dan genoeg eten hadden voor een tweede poging.

De volgende ochtend zagen we toch al sterren en bleek er ook minder wind te zijn. Dit moest hem worden! Een uurtje later als bij de eerste poging waren we weer op weg. Gletsjer over, stijl tot aan de bergschrund en ombouwen om in pitches te klimmen. We waren zelf helemaal alleen, wat een geluk op een van de populairste bergen uit het massief. Na 2 touwlengtes stijle sneeuw begon het allemaal wat ijziger en stijler (dus leuker) te worden. Enkele lengtes in het donker en toen het eindelijk rond 6u licht werd bleken we al aardig in de centrale geul te zitten van 'The French Direct', een route recht omhoog naar de top.
Koud was het niet echt, maar het viel ons wel op dat we helemaal omgeven waren door wolken. "Sneeuwt het?" Ja, toch een beetje. Maar in de laatste 3 stijlere lengtes kregen we toch meer en meer spindrift over ons. "Jamaar, we zijn bijna boven, waar komt toch al die sneeuw vandaan?" Haasten was dus de boodschap, we zaten op bijna 6000m in een echte sneeuwstorm. Helaas is haasten een relatief begrip op die hoogte. Nog effe bijten en, YES! We zijn er!

Rappel na rappel bleek de sneeuw dieper en dieper te worden. Onderweg staken we nog twee andere verloren gelopen cordees voorbij en ploeterden we doelloos over de volledig ingesneeuwde gletsjer. Waar stonden die tenten ook alweer? Gelukkig wist de Schot het deze keer beter en geraakten we uitgeput terug naar de geborgenheid van ons tentje.

Deel 2 volgt...

Yannick de Bièvre


Je moet ingelogd zijn om een commentaar toe te voegen

Registreren



Gerelateerde inhoud 
artikelarchief 

Foto's 

Nieuws 
Wat onthouden we van het Belgisch Kampioenschap Boulderen 2015?

Competitie Wat onthouden we van het Belgisch Kampioenschap Boulderen 2015?

Op het voorbije Belgisch Kampioenschap Boulderen kroonden Simon Lorenzi en Chloé Caulier zich tot winnaar bij de senioren. De twee klimmers bevestigden hun suprematie ten opzichte van de concurrentie met sprekend gemak.

7 januari 2016,

Is er een alternatief voor de Leuvense klimmers na de sluiting van Hungaria?

Indoorklimmen Is er een alternatief voor de Leuvense klimmers na de sluiting van Hungaria?

Op 30 december 2015 sloot Leuven een tijdperk af. Klimzaal Hungaria deed er dan na 25 jaar definitief de deuren dicht. Met de sluiting komt er een einde aan een mooi hoofdstuk van de Belgische klimgeschiedenis. Is er een alternatief voor de Leuvense klimm

4 januari 2016,