Alpinisme
>
Artikels 

Mont-Blanc normaalroute

Niet voor beginners

12 augustus 2003, 

Oja, jij klimt? Heb je de Mont-Blanc al beklommen want dat is nu toch wel de hoogste berg van Europa!

Een beeld dat iedereen wel kentWie heeft deze repliek nog nooit gehoord wanneer je aan een totale leek vertelt dat je grootste hobby klimmen is? Leek is hier wel belangrijk want de Mont-Blanc is niét de hoogste berg van Europa (wel van West-Europa) en klimmer zijn, kan je evengoed zonder ooit maar een stap in de Alpen te zetten.
Vorig jaar was het zover, samen met Michaël zou ik deze 4810 meter hoge sneeuwreus gaan beklimmen. Het lukte en ik kreeg meteen een ander beeld van deze wandelberg.

Als de luxe er is, kan je er maar beter gebruik van maken

Met een niet zo schitterend weerbericht voor de volgende dag vertrokken we naar de Réfuge du Gouter, langs de normaalroute. We konden telefonisch nog net een plaatsje voor ons twee reserveren met het risico dat we in de eetruimte op de grond mochten slapen. Een mens zou zo´n zaken wel eens vroeger mogen plannen...

Eerste uitdaging voor de beklimming, is je wagen zo onopvallend mogelijk op de parking van de Téléphérique de Bellevue achterlaten. Helemaal niet moeilijk, een mengelmoes van internationale nummerplaten garandeert wel voldoende anonimiteit. Ander alternatief is gebruik maken van het openbaar vervoer dat er goed georganiseerd is.
Een kaartje is snel gekocht en de prijs is zoals steeds véél meer dan je er eigenlijk wíl voor betalen.

Samen met 150 liter verse soep en 3 Koreanen brengt de kabellift ons tot op een hoogte van 1770m., in de buurt van het Hotel Bellevue. Die moeten we al niet meer te voet afleggen. Net over de heuvelrug ligt een tussenstation van de Tramway du Mont-Blanc. Die moet ons nóg een eind verder helpen, tot aan het eindstationnetje van Le Nid d'Aigle op 2372m.

Wat er overbleef van Le Nid d'AigleVandaag rijdt er uitzonderlijk geen tandrad-treintje: in de loop van de vorige nacht is het souvernirstalletje van Le Nid d'Aigle ontploft en alleen brandweer en andere diensten mogen er gebruik van maken. Veel aandringen om eventueel mee te mogen, hoeft niet. De lichtjes verveelde kaartjesverkoper biedt ons echter spontaan aan om met het volgende diensttreintje mee te rijden. Hoelang we daarop moeten wachten, weet hij niet maar dat nemen we er graag bij.
We plegen snel een telefoontje naar huis, misschien gaat straks in België het nieuws rond dat er een hut (je weet nooit wat ze ervan maken...) is ontploft en we willen hen toch al op de hoogte stellen.

Nog meer Aziaten voegen zich bij de wachtenden, een trio Engelse klimmers wil geen tijd verliezen en vertrekt te voet. We komen hen even later tegen, wanneer het treintje hen toeterend tegemoet rijdt. Neen, liften hoeft niet, we stoppen toch niet!

Eindelijk op eigen benen

Tot hier waren we luxebeesten. Zo'n 1400 hoogtemeter hadden we afgelegd zonder veel moeite. Nu is het gelukkig tijd om zelf in actie te komen en we zijn al snel blij dat de rugzak niet te zwaar is.

Verfstrepen wijzen je de wegRuim tien jaar terug was ik hier ook, als brave bergwandelaar, en toen lag er een pak sneeuw in het brede couloir onder de Baraque Forestière des Rognes (2768m.). Nu is de halve kom helemaal vrij en het pad is duidelijk zichtbaar. Niet alleen is het platgelopen maar ook nog eens duidelijk gemarkeerd met verse verfstrepen.

De grote processie die ik me hier had voorgesteld, blijft uit. Ligt het aan het weer? Morgen zou zeker geen topdag worden en misschien houdt dat veel mensen beneden.
De bewolking stoort ons niet, integendeel, het maakt van een anders zweterige toch met teveel kleren in de rugzak, een mooie wandeling waarbij we ons kunnen concentreren op onze voetplaatsing in plaats van te open puffen!

Aan de Baraque Forestière houden we even halt, wat drinken, een stukje eten én foto's maken van een mannetjes-bouquetin die nieuwsgierig heel dichtbij komt.
Hierna wordt het terrein ruiger, steiler en kijk je maar beter goed waar de verfstrepen aangebracht zijn. Hier en daar is een stuk langs een steile wand beveiligd met een staalkabel. Veel moet je daar niet op vertrouwen want zó vast hangen die nu ook weer niet.

Glacier de Tête Rousse in de wolkenOns volgende doel is de Glacier de Tête Rousse. Tot hier is de aanloop zeker een wandeling te noemen. Vooraleer de guetten aan te doen nemen we nog even rust.
Wat een toeval! Het Nederlandse koppel dat we enkele dagen voordien aan de Réfuge des Conscrits ontmoetten, blijkt ook vandaag omhoog te gaan.
De gletsjer is vandaag niet meer dan een (verraderlijk?) vies sneeuwveld waarin diepe sporen zijn getreden. Het is nog niet eens middag en langs het spoor komen de eerste klimmers van de Gouter-hut terug. Slecht weer, verse sneeuw en amper zicht. Dat ziet er niet zo goed uit...
Hier moeten we normaalgezien nog een paar honderd meter de Arête Payot volgen maar die ligt even verder ligt deze ondergesneeuwd. Het lijkt ons beter om eerst richting Réfuge de Tête Rousse te gaan en dan afbuigen naar de Grand Couloir. Sneeuw loopt véél beter dan een ondergesneeuwde brokkelige rotsgraat.

OVersteek van de Grand CouloirEens over de gletsjer volgt een zeer brokkelige helling. Onder ons komt over de gletsjer één van de Koreanen aangesneld. Meer struikelend dan iets anders, zijn sporen-lopen-techniek is ook niet alles! Naar het noorden verdwijnen de wolken even en zien we zijn landgenoten over de zijkant van de witgespikkelde Arête Payot naar ons heen komen.

Het is nu middag en we hebben nog 512 hoogtemeter te doen. De Grand Couloir is bijna sneeuwvrij en regelmatig komen er kleine stenen naar beneden gerold. Hier doen we onze gordel aan en wordt de helm opgezet.
De zekeringskabel ziet er goed uit, ook al hangt die tot 4 meter boven het pad door het couloir te zweven. Je daaraan vastmaken met een leeflijn is onbegonnenwerk, dus wordt het touw maar uitgehaald. Inbinden, knoopje op een meter of 4 en zo maken we ons vast aan de kabel.

We profiteren weer van de rust op de aanloop. We moeten niet wachten omdat er klimmers naar beneden komen en kunnen bijna direct het couloir over. Een echt pad kan je het niet noemen, eerder een slecht platgetrapt spoor leidt ons naar de overkant.

Was dit nu het gevaarlijkste van de tocht? Kan zijn, want in de komende uren zouden we nog heel wat gerommel uit het couloir horen komen.

Een wirwar van kabelsDe graat die we voor de rest van de aanloop moeten volgen, is bijna volledig voorzien van recente staalkabels waarop je een zelfzekering kan leggen. Een echt klettersteig kan je het niet noemen, vertikale stukken ontbreken erin. Het maakt de beklimming van deze graat wel wat veiliger.
Langs de andere kant doet het wel wat af aan de beklimming. Hier zijn tonnen ijzerwerk aan de rots bevestigd, oude beroeste staalkabels liggen verspreid in een naastliggend couloir.

Ik schreef beklimming want dat is het ook wel: kleine passages moeten overwonnen worden met rugzak en lompe bergschoenen. Voor een klimmer valt dat wel mee, maar niet altijd voor wie nog nooit een musketon van dichtbij gezien heeft.
Stille getuigen, de kruisen...

Als vrij snel zien we de hut staan, tussen 2 wolken door. Ze lijkt dichtbij, toch duurt het nog een paar uur vooraleer we er aankomen en genieten van een kom warme soep.

Dankzij de weinig aantrekkelijke condities, is er maar weinig volk in de Réfuge du Gouter (3817m.). Dat komt natuurlijk ook omdat we hier bij de eersten van de dag toekomen, net na onze kersverse Nederlandse vrienden. Tegen de avond is de hut al wat meer gevuld maar tóch krijgen we een echte beddebak met matras aangewezen.
Morgen zullen we op tijd opstaan en bekijken hoe de sneeuw erbij ligt...

Les in verveling

Het is 2 uur... 's ochtends, uiteraard! Wie graag uitslaapt, blijft beter uit een berghut weg. We hebben nog niet eens de slapers uit onze ogen gewreven of we horen het slechte nieuws al: alles zit potdicht en daarbovenop sneeuwt het ook nog.
Niet naar boven, maar ook niet naar beneden, zeker niet zo vroeg op de dag. Iedereen kruipt terug in zijn bak. Het zal een lange dag worden, zo eentje waarop je leert hoe je te vervelen. Ik hou het bij lezen, in de refuge liggen stapels tijdschriften en die worden één na één verslonden.
Als het weerbericht uit de vallei klopt, hebben we morgen kans om te vertrekken. Het was voor vandaag immers ook juist, want hier hadden we ons op voorzien: een extra nacht in de berghut.
's Ochtends vertrekt een aantal klimmers, niet naar de top maar terug naar het dal. In de namiddag komen alweer nieuwe klimmers in de hut aan. Na enige tijd is er meer volk in de hut aanwezig dan de vorige dag en aangezien wij voor de komende nacht niet gereserveerd hadden, worden we 's avonds uitgenodigd om in de eetruimte te slapen.
Op het tijdstip waarop we thuis de kinderen in bed zouden stoppen, worden hier slaapmatjes uit de muur gehaald en dekends uitgedeeld. Je staat ervan versteld hoe goed de niet-beschikbare ruimte benut wordt. Iedere halve kubieke meter waar niet genoeg plaats is om een mens te laten komen, is uitgewerkt met kasten.

Allez les amis!

Het is 2 uur... 's ochtends, uiteraard! Deze ochtend verloop een pak rumoeriger dan de vorige, niet moeilijk wanneer er tientallen klimmers uit de kamers komen en zich, als was het dat ze op stenen in een plas water liepen, tussen nog half slapende lichamen naar een tafel begeven.
We kunnen er niet onderuit, opstaan is de boodschap en dat doen we met alle plezier: buiten is het lekker koud en er staan ontelbare sterren aan de hemel! Mooi weer!

Na het ontbijt is het een gestommel van jewelste in het sas. De gidsen doen het iets rustiger en laten hun klanten wat langer genieten van het ontbijt, of kregen die hun pilletje niet doorgeslikt?
Wat voelt dat goed aan, een zachte maar ijskoude wind waait over de Gouter-graat. Het is enkele graden onder nul maar kou heb ik niet. Met de donsjas goed klein gepakt in de lichte rugzak, anderhalve liter water in een geïsoleerde Camelbak, wat chocoladerepen en, niet te vergeten, de gletsjerbril voor wanneer het licht wordt.
Niet alleen mijn rugzak is licht, ook de kledij: een Schoeller-broek, Goretex salopet tegen de wind, thermisch hemdje en een lichte 100-fleece met daarover de Goretex jas.

Michaël en ik nemen de tijd om ons netjes in te binden en sluiten dan aan op een nu al eindeloze stoet hoofdlampen die verdwijnt in de nacht, richting Dome du Gouter (4304 m.). De sneeuwcondities zijn bijna perfect, het spoor gaat enkeldiep door de firnlaag.
We nemen ons eigen tempo, echt niets te snel maar toch beginnen we langzaamaan de ene na de andere touwgroep in te halen. Nog voor de Dome du Gouter zitten we vooraan in de sliert.
Hier merken we pas de gevolgen van een drietal dagen sneeuwval. De autosnelweg naar de top die iedereen ons voorspeld had, was al overgegaan in een secundaire weg en nu schiet er helemaal niets meer van over. Châpeau voor de klimmers die de eerste uren van de nacht gespoord hebben.

Ter hoogte van de top van de Dome du Gouter nemen we even de tijd om te drinken en dan wordt er verder gespoord. Het spijtige aan klimmen, is dat je om te stijgen soms ook moet dalen. Hier is de korte afdaling naar de Col du Dome welgekomen.
Op dit punt is de aansluiting van de route die van de Italiaanse kant van het massief komt, via de Piton des Italiens.

Les BossesDe zon staat al volledig boven de horizon, ergens tussen de Aiguille Verte en de Grandes Jorasses. Het wordt warmer en tijdens de klim naar de Réfuge Vallot, een noodhut op 4362 meter, ben ik blij dat ik niet al te warm gekleed ben, de kap gaat eraf en de zon ontdooit mijn linker oor.
De top komt steeds dichterbij, of beter, wij komen steeds dichter bij de top. Het is echt genieten, zigzaggend over de 40 graden steile helling.

Het volgende richtpunt, zijn Les Bosses (ruim 4500 meter), twee bescheiden voortoppen van de Mont Blanc. Vanaf hier is het gedaan met brede sneeuwhellingen. Niet ervaren klimmers zullen hier wel even opkijken van de steile en diepe afgrond aan de Italiaanse zijde.

Vanuit het dal van Chamonix lijkt de top van de Mont Blanc groot, plat en je zou zeggen dat het leerlingenbestand van een middelgrote lagere school er tesamen op kan. Wie al tot hierboven geraakt, wordt van dit idee afgeholpen.
Tot net voor de top blijft de graat vlijmscherp en wordt alsmaar smaller. Inhaalmanoeuvers zijn hier uit den boze. De top biedt gelukkig wat meer plaats, een klasje van bovengenoemde school kan er net wel op.

de obligate topfotoHet is 8.15 uur 's ochtends. Een enkeling haalt zijn GSM boven en stuurt een SMS'je of belt naar moeke en vake.
Ik geniet, het uitzicht is grandioos, hoe cliché dit ook mag klinken maar clichés moeten ergens vandaan komen... Op 3000 hangt een dicht wolkendek dat ons het zicht op de vallei ontneemt. Dankzij dat wolkendek worden we echter niet gestoord door enig teken van menselijke activiteit, buiten onszelf, een tiental andere klimmers en alle andere die, nu nog uit het zicht, tot bij ons willen komen.

Op 4810 meter hoogte is het stil. Waarschijnlijk denken we de vliegtuigen gewoon weg. In het westen ligt het massief van Les Ecrins, waar diezelfde dag een 15-tal clubgenoten op de top van de Dome des Ecrins staan.
Naar het oosten nodigt de Route Royale ons uit maar die is voor een andere keer. Nog meer naar het oosten de Aiguille Verte, waar ik mijn eerste echte alpiene beklimming maakte, daar onzichtbaar vlakbij Les Droites waar... oh, herinneringen.

Wie naar boven komt, moet ook nog altijd naar beneden. We beginnen eraan in omgekeerde volgorde, Michaël voor mij en het touw niet al te lang tussen ons in. Hier en daar worden we toch verplicht tot een delicate kruising met klimmers die nog steeds naar boven gaan, zij hebben voorrang. Ik heb het ook liever zo.

Het duurt geen 2 uur om terug in de Réfuge du Gouter te geraken langs een spoor dat deze ochtend nog alle schoonheid van een slalom in maagdelijke sneeuw had. Nu lopen verschillende sporen kris kras door mekaar, sommige zelfs in rechte lijn naar beneden en het stappen wordt er niet gemakkelijker op, ook al omdat de zon de sneeuw al een paar uur bewerkt heeft.

Tijdens de afdaling langsheen de Grand Couloir houden we onze stijgijzers aan. De tanden schrapen over de vers besneeuwde rotsblokken maar de voetvastheid kunnen we nu wel gebruiken.
Het weerbericht moet mooie dagen voorspeld hebben, want nog nooit voorheen zag ik zo'n massa mensen langs dezelfde route naar boven komen. Alle nationaliteiten zijn weer present, we horen zelfs ons eigen dialect en dan moeten we toch aan thuis denken. Zullen we daar maar eens heen gaan?

Links

Prijzen zomer 2002

  • Kabellift Les Houches / Bellevue: 9,40? (volwassene, enkel) 

 

 


Je moet ingelogd zijn om een commentaar toe te voegen

Registreren



artikelarchief 

Nieuws 
Wat onthouden we van het Belgisch Kampioenschap Boulderen 2015?

Competitie Wat onthouden we van het Belgisch Kampioenschap Boulderen 2015?

Op het voorbije Belgisch Kampioenschap Boulderen kroonden Simon Lorenzi en Chloé Caulier zich tot winnaar bij de senioren. De twee klimmers bevestigden hun suprematie ten opzichte van de concurrentie met sprekend gemak.

7 januari 2016,

Is er een alternatief voor de Leuvense klimmers na de sluiting van Hungaria?

Indoorklimmen Is er een alternatief voor de Leuvense klimmers na de sluiting van Hungaria?

Op 30 december 2015 sloot Leuven een tijdperk af. Klimzaal Hungaria deed er dan na 25 jaar definitief de deuren dicht. Met de sluiting komt er een einde aan een mooi hoofdstuk van de Belgische klimgeschiedenis. Is er een alternatief voor de Leuvense klimm

4 januari 2016,