>
Artikels 

Bekommernis om de bergsport...

antwoord van BAC en VBSF

17 juni 2002, 

De hier verwoorde opvattingen zijn totaal voor rekening van de besturen van BAC en VBSF. Publicatie van dit artikel betekent geenszins het goedkeuren of afkeuren van deze opvattingen door de BCN-redactie.

De Vlaamse Bergsport- en Speleologiefederatie (VBSF) en de Belgische Alpenclub (BAC) willen via dit forum graag samen reageren op de rondgestuurde mail en het artikel van de NatuurVrienden SportFederatie (NVSF), door Herman De Kegel.

Eén bergsportfederatie in Vlaanderen

Reeds op de eerste interfederale vergaderingen, in het voorjaar van 2001, werd een overeenkomst bereikt over de twee basisprincipes waaraan de eengemaakte federatie in Vlaanderen moet voldoen:

  • Eén organisatie waarin bij voorkeur alle bergsporters verenigd en vertegenwoordigd zijn in Vlaanderen.
  • De nieuwe organisatie moet absoluut los staan van: 
    Politieke of ideologische overtuigingen
    Filosofische bewegingen 
    Commerciële organisaties

De besturen van BAC en VBSF staan nog steeds achter deze basisprincipes, en met ons ook een overgrote meerderheid van de bergsporters.
De NVSF-Bergstijgers geven echter niet de indruk de impact van deze principes, en in het bijzonder het tweede, volledig te vatten, of er ten volle achter te staan. Het doordrukken van een bepaald politiek ideeëngoed in de federatie is iets waar noch BAC noch VBSF mee akkoord kunnen gaan.

De toekomstige federatie zal een flexibele en dynamische structuur hebben en dit ten dienste van de aangesloten clubs en de individuele leden. In deze nieuwe federatie kunnen de clubs hun eigenheid behouden. De vooropgestelde basisprincipes, inz. het tweede, gelden echter voor alle organisatieniveaus, dus ook voor de aangesloten clubs.

Over het niet langer deelnemen van de Natuurvrienden Sportfederatie Bergstijgers aan de interfederale gesprekken, is reeds veel inkt en e-mail gevloeid. Het standpunt dat destijds werd ingenomen is gebaseerd op:
- De NVSF-Bergstijgers zijn geen erkende bergsportfederatie, die een solidariteitsbijdrage betalen aan de UIAA, die zich internationaal inzet voor de bergsport.
- De problematiek aangaande een mogelijk samengaan van de bergsportfederaties in Vlaanderen is complex en wordt beïnvloed door tal van factoren. Daarom is het efficiënter dat de twee bergsportfederaties mogelijke obstakels uit de weg ruimen.
- Het ledenaantal van de NVSF-Bergstijgers wordt overtroffen of geëvenaard door een aantal clubs of secties van VBSF of BAC, waardoor deze ook aanspraak zouden kunnen maken om op gelijk niveau aan tafel te gaan zitten. Dat het praktisch niet werkbaar is met zo'n grote groep, hoeft geen betoog.

Een ander punt waar de NVSF-Bergstijgers zich blijkbaar aan storen is het volgende: "Alles wordt bediscussieerd door een handjevol mensen..." (citaat) Inderdaad, een beperkte werkgroep werkt aan voorstellen, maar legt die dan voor aan hun achterban, i.e. besturen, clubs en secties, die er commentaar op leveren, waarna de voorstellen herzien worden.
Dit democratisch proces is momenteel net begonnen, uiteraard tijdrovend, en zal de ongeduldigen misschien ongeduldiger maken, maar het is levensnoodzakelijk voor een eengemaakte federatie met overlevingskansen op lange termijn. Naargelang de ontwerpstructuur rijper wordt, zal de feedbackgroep ruimer opengetrokken worden.
Via de federatietijdschriften worden leden bergsporters wel degelijk geïnformeerd over de gang van zaken. Ook via websites, via algemene vergaderingen, en in de toekomst ook via gemeenschappelijke infosessies. Uiteraard hebben dergelijke informatiecampagnes enkel zin wanneer er werkelijk nieuwe informatie is.
De democratische structuren van zowel BAC als VBSF waken erover dat alles in overleg gebeurt. De respectievelijke Raad van Bestuur en Algemene Vergadering staan hier borg voor.
Wat de NVSF daarentegen per e-mail rondstuurt en op het Belgian Climbing Network laat publiceren, en wat zij schrijven op hun eigen website is ten dele desinformatie van het publiek.
Zo schrijft voorzitster Anita Sohie in haar artikel "Standpunt Natuurvrienden-Bergstijgers omtrent een eengemaakte bergsportfederatie voor België" (na te lezen op de NVSF-Bergstijgers-website) dat de huur van rotsmassieven zou gesubsidieerd worden door ADEPS of BLOSO. Dit is onjuiste en misleidende informatie! De subsidiëring van federaties gebeurt via het realiseren van een aantal basisopdrachten. Je krijgt pas subsidies wanneer je voldoet aan bepaalde voorwaarden en je de basisopdrachten hebt uitgevoerd. Subsidiëring is dus niet prestatiegebonden maar wel gebonden aan een geheel van voorwaarden en basisopdrachten. De "commissie bergsport", waaraan de VBF niet zou willen meewerken, werd destijds opgericht in het kader van de Omnisportfederatie Sport&Natuur, de confederatie (onder druk van het vorige Sportdecreet) tussen BAC en de NatuurVrienden SportFederatie, waarvan de ontbinding nog steeds aansleept en waaraan de BAC nog steeds een kater overhoudt. De VBSF is hier dus nooit op uitgenodigd geweest. Dit is in het bovenvermelde artikel dan ook totaal uit de context gerukte desinformatie.

 

De Belgische rotsproblematiek

Er wordt gesproken over de verstoring van fauna en flora op de rotsmassieven. Vele van deze klimgebieden zijn echter voormalige steengroeves, die door hun uitbaters vaak als een stortplaats achtergelaten zijn en later door natuurminnende klimmers opgeruimd werden. Er zijn genoeg voorbeelden van klimgebieden, die juist doordat ze ontsloten en beheerd worden, juist nieuwe kansen bieden aan fauna en flora.
Eveneens zijn er voorbeelden genoeg van routes, delen van massieven,... waar door de beheerders een tijdelijk klimverbod uitgevaardigd wordt, omdat er een (roof)vogel aan het broeden is. De overgrote meerderheid van de klimmers heeft daar alle respect voor. De ongelukkige voorvallen die zich soms voordoen zijn vooral te wijten aan onwetendheid, en kunnen vermeden worden door een betere en correcte informatie naar de bergsporters, en naar de buitenwereld.
Ten onrechte verspreiden dat de klimsport alleen een overbelasting van het biotoop met zich meebrengt daarentegen, is geen correcte informatie en schaadt de belangen van álle bergsporters, ongeacht hun federatie!

De "directe vervuiling", de kilo's zwerfvuil, is een probleem dat niet uitsluitend de klimsport en de rotsen teistert. Helaas zijn er nog steeds klimmers die schaamteloos hun afval achterlaten waar ze staan, en de erosie in de hand werken door de paadjes niet te volgen, ook al wordt daar tegenwoordig door rotsbeheerders veel aandacht en moeite aan besteed. Net zoals de overheid en het onderwijs dat doen, hebben wij als bergsportorganisaties ook de taak om onze leden milieubewustzijn bij te brengen. Dat dit niet noodzakelijk inhoudt dat je met het openbaar vervoer naar de rotsen zou moeten, bewijst het feit dat carpoolen in de bergsportwereld reeds erg ingeburgerd is.
Bovendien is het een feit dat vele van onze klimgebieden nauwelijks te bereiken zijn met het openbaar vervoer, laat staan in de weekends. Meer openbaar vervoer naar de rotsen kan bovendien een nog grotere massa meebrengen, en dus meer verstoring, vervuiling,...

De NVSF pleiten op hun website ook tegen privé-grondbezitters, een niet langer louter sportief standpunt dat VBSF en BAC niet wensen te onderschrijven.
Men moet een bestaande situatie erkennen en bijgevolg privé bezit respecteren. Dit willen veranderen staat gelijk met de revolutie prediken. Vergelijken met buitenlandse situaties is mogelijk als je de historische realiteit accepteert en nagaat hoe de verdeling is tussen privé en staatseigendom. Dit is vb. in Frankrijk anders dan in België, dankzij Napoleon.
Als sportfederaties ijveren wij voor klimgelegenheid, doch in overleg en samenwerking met de rotseigenaars, overheden, omwonenden en andere belanghebbenden, en niet ondanks hen.

Bij het aanhalen van "broches met tweecomponentenhars i.p.v. het zelf plaatsen van tussenzekeringen", suggereert Herman dat het modern en veilig afzekeren van klimrotsen een oorzaak zou zijn van de overbevolking. Deze ontsluiting verlaagt wellicht de drempel, maar is dat niet juist een van de doelstellingen van in het bijzonder de NVSF? Het veiliger maken van rotsklimmen kan meer mensen aantrekken, het onveilig maken of houden zal enkel verzekeringspremies de hoogte injagen. Of mag enkel wie een zeer goede verzekering en een ruim assortiment aan klemblokjes, friends en pitons heeft, nog kunnen klimmen?
Bovendien is de realiteit dat het overgrote deel van de Belgische rotsen zich niet of nauwelijks leent tot het plaatsen van blokjes of friends. Ook internationaal, zelfs in Groot-Brittannië en de Verenigde Staten, wordt stilaan teruggekomen van het compromisloos niet-equiperen van routes. (Waarmee we geenszins willen zeggen dat álles moet behaakt worden!!) De bergsport veilig laten beoefenen is een opdracht van de federaties. Eenieder is vrij om de aanwezige broches al dan niet te gebruiken.

Dat de klimmassieven in de Ardennen schaars zouden zijn, is een laatste fabeltje dat we zouden willen ontkrachten. Wie een kijkje gaat nemen op de rotsklimpagina's van BCN, ziet meteen dat er een meer dan aanzienlijk potentieel is in ons land. Genoeg voor de verschillende clubs federaties om zonder mekaar te beconcurreren elk hun deel van de inspanning te doen die nodig is om ze toegankelijk te maken.

Eventuele vragen en bemerkingen kunnen via E-mail of het BCN-café.

Samenstelling van de interfederale werkgroep

Guido De Keyzer (VBSF), Bob Demessemaeker (BAC), Werner De Wael (BAC), Jo Dotremont (BAC), Jean Pierre Hollevoet (VBSF), Louis van Buggenhout (BAC), Lus Van den Bossche (VBSF), Jan Vloeberghs (VBSF).


Je moet ingelogd zijn om een commentaar toe te voegen

Registreren



artikelarchief 

Nieuws 
Wat onthouden we van het Belgisch Kampioenschap Boulderen 2015?

Competitie Wat onthouden we van het Belgisch Kampioenschap Boulderen 2015?

Op het voorbije Belgisch Kampioenschap Boulderen kroonden Simon Lorenzi en Chloé Caulier zich tot winnaar bij de senioren. De twee klimmers bevestigden hun suprematie ten opzichte van de concurrentie met sprekend gemak.

7 januari 2016,

Is er een alternatief voor de Leuvense klimmers na de sluiting van Hungaria?

Indoorklimmen Is er een alternatief voor de Leuvense klimmers na de sluiting van Hungaria?

Op 30 december 2015 sloot Leuven een tijdperk af. Klimzaal Hungaria deed er dan na 25 jaar definitief de deuren dicht. Met de sluiting komt er een einde aan een mooi hoofdstuk van de Belgische klimgeschiedenis. Is er een alternatief voor de Leuvense klimm

4 januari 2016,